Septuagint


Deel van een serie artikelen over
Bijbelwetenschap

Portaal   Christendom

De Septuagint of Septuaginta, vaak afgekort tot LXX, het getal 70 in Romeinse cijfers, is de vertaling in het Koinè of Oudgrieks van de Tenach of Hebreeuwse Bijbel, die tussen circa 250 en 50 v.Chr. werd gemaakt.

Inhoud

Naam en ontstaan van de Septuaginta


Septuagint is Latijn voor zeventig en is afgeleid van interpretatio septuaginta virorum, Koinè of Oudgrieks: ὴ μετάφρασις τῶν ὲβδομήκοντα, vertaling van de zeventig mannen. De Septuagint dankt zijn naam aan een verhaal over het ontstaan van de Griekse Pentateuch, de Thora, maar wordt nu algemeen voor de Griekse vertaling van de gehele Hebreeuwse Bijbel gebruikt.

Er vestigden zich na het ontstaan van Alexandrië omstreeks 300 v.Chr. meteen veel Joden in de stad. Zij bleven Hebreeuws praten en het Oude Testament bestuderen. Er staat in de Brief van Aristeas hoe de Septuagint toen tot stand is gekomen.[1] Er was 61 jaar eerder al een poging gedaan de Thora in het Grieks te vertalen, maar dat was niet gelukt. Aristeas zou de Egyptisch-Griekse koning Ptolemaeus II Philadelphus hebben aangeraden om de Joodse handschriften van het Oude Testament in het Grieks te vertalen. De beheerder van de Bibliotheek van Alexandrië had hem al aangeraden een kopie van de Pentateuch te vinden. De koning zou het advies hebben opgevolgd. Er zouden zes Joden van elke stam, in totaal 72 rabbijnen, naar het hof zijn gekomen. Zij kregen ieder een eigen ruimte en zijn opdracht was het, dat iedere rabbijn een vertaling van de Thora in het Grieks aan hem moest leveren. Op de achtste van de maand Tevet van het Joodse jaar 3515 (246 v.Chr.) werden de 72 vertalingen ingeleverd. Er waren 13 plaatsen in de vertaling, waar zij ieder van mening waren dat een letterlijke vertaling aan de ware betekenis van Thora afbreuk zou doen. De traditie wil dat God had ingegeven dat alle vertalingen hetzelfde waren. Deze Griekse vertalingen werden 'Septuagint', van de zeventig, genoemd. De Joden aan het hof vonden dat hun vertaling met het origineel overeen kwam.

Er wordt sinds de 17e eeuw[2] aan het historisch gehalte van de brief van Aristeas getwijfeld.[3] De meeste geleerden gaan ervan uit dat Joden uit Alexandrië de Pentateuch in het Grieks vertaalden omdat Egyptische Joden niet genoeg Hebreeuws meer kenden om de Pentateuch in de oorspronkelijke taal te lezen. Er zijn de laatste jaren geleerden toch weer, die de waarde van de Brief van Aristeas als een bron voor serieuze informatie over de Septuaginta hoger aanslaan.[4]

Na de Pentateuch werd vanaf de tweede eeuw v. Chr. tot de eerste eeuw na Chr. de rest van de Tenach in het Grieks vertaald.

Joodse en christelijke visie


De originele rabbijnse Septuagint bevat volgens Joodse bronnen slechts de eerste vijf boeken van Mozes, Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri en Deuteronomium, terwijl de christelijke bronnen beweren dat de rabbijnen de gehele Tenach in het Grieks hebben vertaald. Ondertussen hebben dezelfde 72 rabbijnen in Talmoedtraktaat Megilla 9a en 9b vermeld dat vijftien passages van hun Septuagint-vertaling een op een naast de originele Hebreeuwse versie gelegd kunnen worden. De vijftien zijn:

  • Genesis 1:1
  • Genesis 1:26
  • Genesis 2:2
  • Genesis 5:2
  • Genesis 11:7
  • Genesis 18:12
  • Genesis 49:6
  • Exodus 4:20
  • Exodus 12:40
  • Exodus 24:5

Tijdens de Talmoedische periode werd het maken van de vertaling betreurd, zodat de Joodse datum 8 Tevet een vastendag werd.

De LXX was gedurende het hellenisme en de eerste eeuwen van het christendom de belangrijkste en meest gebruikte Bijbelvertaling, zowel bij christenen als bij de Joden. Bij de Joden kreeg de vertaling na het jaar 100 een slechte naam, doordat christenen ermee trachtten aan te tonen dat Jezus Christus de voorzegde Messias was. De christenen hechtten bijvoorbeeld veel betekenis aan het Koinè woord parthenos, maagd, in Jesaja 7:14, terwijl er in het Hebreeuws almah staat, dat behalve maagd ook jonge vrouw kan betekenen.[5]

De Septuagint, de vertaling, is in de Joodse religie niet overgenomen. Daar wordt een vertaling in het Hebreeuws, de Griekse vertaling of de Targoem, een Aramese vertaling, gebruikt.

Na enkele pogingen de Hebreeuwse Bijbel opnieuw, maar dan letterlijker te vertalen - door Aquila zeer letterlijk, maar daardoor onbegrijpelijk, door Symmachus en door Theodotion, een herziening van de LXX - besloot men in de synagoge voortaan de Bijbel in het Hebreeuws te lezen en liet men de LXX aan de christenen. Er werd in Hebreeuws onderwijs aan de kinderen geïnvesteerd en er werd een richting gekozen, die tot de Masoretische Tekst leidde.

Voor de christenen is de Septuagint van grote betekenis geweest bij hun zendingswerk. De meeste bekeerlingen in de eerste eeuwen waren namelijk Griekstalig en hadden met de LXX direct een vertaling tot hun beschikking van het Oude Testament, zoals de christenen de Tenach voortaan gingen noemen. Het belang van de LXX blijkt verder uit het feit dat veel citaten uit het Oude Testament in de nieuwtestamentische brieven en de evangeliën overeenkomen met de Septuagint en niet met een letterlijker vertaling van de Masoretische, Hebreeuwse tekst. Zo zijn in het Bijbelboek Matteüs alle aanhalingen uit het Oude Testament uit de Griekse LXX genomen en niet rechtstreeks uit het Hebreeuws.

De Septuagint bevat meer boeken dan de Hebreeuwse Bijbel.

  1. Canonieke boeken. Alle boeken die algemeen erkend worden als deel van de Hebreeuwse Bijbel, de Tenach, zijn ook onderdeel van de Septuagint. De vertaling wisselt wat mate van vrijheid betreft.
  2. Apocriefen van het Oude Testament: zijn 7 of 10 in getal, afhankelijk van hoe men ze indeelt. Deze boeken worden in de Oosters-orthodoxe kerken en de Rooms-Katholieke Kerk, die ze deuterocanoniek noemt, als gezaghebbend beschouwd, maar door de protestanten niet.
  3. Apocriefe boeken: deze worden door de Rooms-Katholieke Kerk en niet zelden door de Oosters-orthodoxe kerken als onecht beschouwd.[6]
  4. Het boek Oden bestaat uit verschillende liederen die hoofdzakelijk gekopieerd zijn de Hebreeuwse Bijbel en deels uit de Deuterocanonieke boeken of het Nieuwe Testament. De meeste teksten zijn dus op zich niet apocrief, maar de toevoeging als afzonderlijk boek komt alleen in de oosters-orthodoxe kerken voor. Het was in deze vorm ook geen onderdeel van de oorspronkelijke Septuagint.

Herkomst en geschiedenis van de tekst


Vroegere tekstcritici veronderstelden dat de LXX een vertaling van de Masoretische Tekst was. Door verschillende Dode Zee-rollen met elkaar te vergelijken, is men tot de conclusie gekomen dat de Septuagint, en de Samaritaanse Pentateuch, enerzijds en de Masoretische Tekst anderzijds twee teksttypes zijn, die allebei onder de Dode-Zeerollen voorkomen. Tussen de Dode Zee-rollen bevinden zich zowel boekrollen die familie zijn van de Masoretische Tekst, bijvoorbeeld 1QIsa a, de grote Jesajarol uit grot 1, als boekrollen die verwant lijken aan de LXX, bijvoorbeeld 4QSam b, een van de Samuëlrollen uit grot 4.

Van de LXX beschikt men over de volgende handschriften:

De tekst van de LXX werd na de eerste eeuw door christenen bewaard en doorgegeven, en zoals bij elke tekst die wordt gekopieerd ontstonden er varianten. We weten van drie pogingen de tekst zo goed mogelijk te reconstrueren:

Varianten en omstreden boeken

Er zijn binnen de LXX vaak zulke verschillen, dat de moderne uitgave van de Septuaginta, de Deutsche Bibelgesellschaft, van veel boeken twee versies weergeeft: van Jozua 18 en van Richteren een versie uit Codex A en een uit B; Tobias één versie uit A en B en een andere uit codex S, zo ook bij Daniël. De wijsheid van Jezus Sirach heeft in de minuskels geregeld extra verzen, die in de uncialen en in het Hebreeuws ontbreken.

De boeken Daniël en Ester hebben zoals bekend in het Grieks extra hoofdstukken. Psalmen heeft ook een psalm extra, psalm 151. Merkwaardig is het verschil in telling met de Masoretische Tekst: In de LXX vormen psalm 9 en psalm 10 samen één psalm: 9. Vanaf daar loopt de nummering van de LXX voor op de Masoretische Tekst. Psalm 11 (MT) is in de LXX psalm 10 en psalm 145 van de LXX is 'onze' 146. Psalm 146 bestaat in de LXX dan uit de eerste 11 verzen van de Masoretische Tekst, 'onze' tekst, van Psalm 147. Psalm 147 bestaat in de Septuaginta uit de tweede helft van onze 147. Van 148 t/m 150 komt de nummering weer overeen. Er komt in de LXX nog psalm 151, een lied van zeven verzen waarin David zijn overwinning op Goliath beschrijft. Uit de variabele samenstelling van de rollen met psalmen, die bij de Dode Zee-rollen zijn aangetroffen, valt op te maken dat de eindredactie van het boek psalmen als geheel betrekkelijk laat heeft plaatsgevonden. De indeling in vijf boeken is echter in de LXX hetzelfde als in de MT.

Gebruik, vertaling, gezag

Vanaf de tweede eeuw werd in het Westen gebruikgemaakt van allerlei Latijnse vertalingen, de Vetus Latina. Dit zullen wat het Oude Testament betreft vertalingen van de LXX geweest zijn. Van 390 tot 405 werkte Hiëronymus van Stridon in opdracht van paus Damasus I aan de officiële Latijnse Vulgata. Hiervoor vertaalde hij het Oude Testament uit het Hebreeuws. Van de door hem deuterocanonieke boeken genoemde boeken reviseerde hij de bestaande Latijnse vertaling met behulp van het Griekse origineel in de LXX. In de Vulgaat zette hij de boeken, enkele uitzonderingen daargelaten, in de volgorde van de LXX, die afwijkt van de joodse indeling.

Tegenwoordig is de LXX de standaardtekst voor de Oosters-orthodoxe kerk. Bijbelvertalingen van het OT maken gebruik van de Masoretische grondtekst en alleen in twijfelgevallen van de LXX en andere oude vertalingen.

De deuterocanonieke boeken werden aan de hand van de Septuagint vertaald. Deze deuterocanonieke boeken hebben in de Rooms-Katholieke Kerk gezag in de versie van de Vulgaat, dat komt erop neer dat men de LXX als brontekst neemt. In de protestantse kerken gelden ze als apocrief, als niet-geïnspireerde gedachten van mensen.

Belang van de LXX

Los van de vraag of men haar gezag wil toekennen, is de LXX van belang voor de wetenschap:

Uitgaven van de Septuaginta


Tekstuitgaven

Vanaf de uitvinding van de boekdrukkunst is de Septuaginta in talrijke edities verschenen.[9] De bekendste handuitgave is die van A. Rahlfs uit 1935, die in 2006 door R Hanhart is herzien. De uitgave Rahlfs is ook op internet beschikbaar. Van Rahlfs-Hanhart geldt dit in mindere mate.

Behalve de handuitgaven zijn er ook kritische uitgaven in meer delen. De twee bekendste zijn de Cambridge-Septuagint, een diplomatieke editie, voornamelijk op één handschrift gebaseerd en de Göttingen-Septuagint, een eclectische editie, een geheel gereconstrueerde 'oertekst'.

Moderne vertalingen van de Septuaginta

Wie zonder veel kennis van het Grieks de Septuaginta wil lezen, wordt gediend door vertalingen in moderne talen. Er zijn in het Nederlands zijn alleen gedeelten van de Griekse tekst in vertaling beschikbaar.

In andere Europese talen bestaan er recente vertalingen van de complete Septuaginta.

Spaans: La Biblia griega: Septuaginta, I-IV, Elk Bijbelboek wordt voorafgegaan door een uitvoerige inleiding. Verschillen ten opzichte van de Masoretische Tekst worden niet aangegeven. Een bijzonderheid is dat van Samuel-Koningen de 'Antiocheense tekst' in vertaling wordt geboden.

Duits: Septuaginta Deutsch: Das griechische Alte Testament in deutscher Übersetzung, onder verantwoordelijkheid van het Deutsche Bibelgesellschaft, 2009. Verschillen ten opzichte van de Masoretische Tekst worden in de tekst gemarkeerd. Deze uitgave gaat samen met twee delen toelichting en aantekeningen, voorzien van uitvoerige literatuuropgaven.[12] De nadruk ligt op de interpretatie van de Septuaginta als theologisch en historisch document.

Frans: La Bible d’Alexandrie, Een groot project, waarbij de meeste Bijbelboeken in aparte delen zijn verschenen. Zeer uitvoerige inleidingen, uitgebreide noten. Verschillen ten opzichte van de Masoretische Tekst worden niet in de tekst aangegeven, maar wel in de noten gesignaleerd. De nadruk ligt op de doorwerking van de Septuaginta in de oud-christelijke traditie, met name de kerkvaders.

Engels: New English Translation of the Septuagint, 2007.[13] door A. Pietersma en B.G. Wright. Deze vertaling is op de gedachte gebaseerd, dat de Septuaginta een soort 'interlineaire vertaling' van het origineel is, die nooit als een zelfstandige tekst was bedoeld. Deze vertaling doet het daarom uitkomen dat de Septuaginta voor de toenmalige Griekse lezers vreemd was.

Onderzoek


Er wordt in België aan de Katholieke Universiteit Leuven en in Nederland aan de Universiteit Leiden al vele tientallen jaren veel onderzoek naar de Septuaginta gedaan. Bekende onderzoekers uit andere landen zijn I.L. Seeligman en E. Tov uit Israël, J.W. Wevers en A. Pietersma uit Canada, K. De Troyer uit Oostenrijk en J. Joosten uit Engeland.










Categorieën: Septuagint | Bijbelvertaling | Bijbelwetenschap | Oude Testament




Staat van informatie: 31.12.2021 04:57:12 CET

oorsprong: Wikipedia (Auteurs [Geschiedenis])    Licentie: CC-BY-SA-3.0

Veranderingen: Alle afbeeldingen en de meeste ontwerpelementen die daarmee verband houden, zijn verwijderd. Sommige pictogrammen werden vervangen door FontAwesome-Icons. Sommige sjablonen zijn verwijderd (zoals 'artikel heeft uitbreiding nodig') of toegewezen (zoals 'hatnotes'). CSS-klassen zijn verwijderd of geharmoniseerd.
Specifieke Wikipedia-links die niet naar een artikel of categorie leiden (zoals 'Redlinks', 'links naar de bewerkpagina', 'links naar portals') zijn verwijderd. Elke externe link heeft een extra FontAwesome-Icon. Naast enkele kleine wijzigingen in het ontwerp, werden mediacontainer, kaarten, navigatiedozen, gesproken versies en Geo-microformats verwijderd.

Belangrijke opmerking Omdat de gegeven inhoud op het gegeven moment automatisch van Wikipedia wordt gehaald, was en is een handmatige verificatie niet mogelijk. Daarom garandeert LinkFang.org niet de juistheid en actualiteit van de verkregen inhoud. Als er informatie is die momenteel verkeerd is of een onjuiste weergave heeft, aarzel dan niet om Neem contact op: E-mail.
Zie ook: Afdruk & Privacy policy.